AFSCHEID VAN MIJN VRIENDJE

Vriendje, wanneer jij precies in mijn leven bent gekomen, weet ik niet meer. Waarschijnlijk al op de lagere school, de Dokter de Visserschool aan de Westfranklandsestraat. Meester Lissenberg was onze hoofdmeester. Hij woonde op de BK-laan, statig, net als zijn huis. Niet het type dat je uitnodigde voor een feestje. Bozig ook. Het tegenovergestelde van meester Hagens. Van hem vermoedde de hele klas dat hij ‘van de verkeerde kant was’, alsof je kanten kon kiezen. Meester Hagens hield wel van tikkertje. Hij was ‘hem’ en ik kreeg hem regelmatig om de oren.
Als dat nu zou gebeuren, was het leven van die leraar niet veilig. Mijn moeder zei toen alleen: “Dan zal je het wel verdiend hebben.”

In die tijd heette een leraar gewoon meester. Punt. Nu zijn het Laura, Wendy of Theo. Voor­namen. We willen het onderwijs niet meer op een voetstuk plaatsen, niet qua aanzien en zeker niet financieel, dat kan je wel aan de regering overlaten. Aandacht houden in de klas was overigens verplicht, want anders kreeg je een krijtje van drie meter afstand op je voorhoofd gemikt. Een mooie traditie, verloren gegaan door de digitale schoolborden.

Maar terug naar jou, mijn vriendje.
Op de middelbare school, als ik ergens over twijfelde, had jij er altijd een mening over. Soms positief, soms zat je vol in de afzeikfase. Nooit was je het met me eens. Altijd tegenstrijdig. Ik wou dat ik meer op jou leek. Buiten de lijntjes leven leek me zoveel leuker.

Ik herinner me ook de avonden dat we gingen stappen. De Goudsbloem, de Malle Molen, dát waren tijden. Hele gesprekken voerden we, urenlang, zelden dezelfde mening. De weg naar huis ging van lantaarnpaal naar lantaarnpaal.
Je was er niet alleen in goede tijden. Ook bij liefdesverdriet stond je naast me. Je had twee vaste opmerkingen: “Kutwijven” en “zo zijn ze nou eenmaal.” En gek genoeg begon ik dat te geloven. Niet dat ik ineens voor de mannenliefde ging, maar het zette me wel aan het denken.

Een van die briljante ideeën tijdens zo’n stapavond was het spel 'Ranking the Kutwijven'. Fucking arrogant. Slettebak. Heeft de hele stad gehad. Iedereen kreeg een beurt en ik in mijn fantasieën.

Langzaam zijn we op het punt gekomen dat ik afscheid van je neem. Niet boos. Niet verdrietig. We hebben samen een mooi leven gehad. Je was er altijd. Als ik wilde opgeven, trok jij me erdoorheen. Als ik een afslag dreigde te missen, was jij mijn tomtom die me terug op het juiste spoor zette.

Krijg ik rust? Of ga ik je heel erg missen? Nee, we hebben alles beleefd, maar ik moet verder. Ik neem 1 witte roos voor je mee.
De muziek voor het afscheid heb ik al gekozen: My Way van Frank Sinatra. 

Dag vriend.  Ruim veertig jaar zat je als stemmetje in mijn hoofd. Ik kan, en wil, verder zonder jou. Ik wil rust. Zoals in de wereld waar Remy zijn koffers heeft gepakt. Jij was de beste vriend die ik nooit gehad heb.

“The record shows I took the blows… and did it my way.”